In sommige gevallen geef je als voorschrijver echter beter altijd een papieren bewijs van elektronisch voorschrift mee, of laat de patiënt een foto nemen van (de barcode van) het elektronisch voorschrift:
– Voor niet-digitale patiënten print je automatisch het bewijs van elektronisch voorschrift. Onder een niet-digitale patiënt verstaan we een persoon die weinig digitale affiniteit heeft, geen hulp kan/wil inroepen van digitale kennissen, technologie niet gebruikt, geen smartphone bezit, ….
– Wanneer een elektronisch voorschrift nuttig is voor de zekerheid; bijv. de patiënt gaat bij een nieuwe apotheker of apotheker van wacht.
– De eID of kids-ID van je patiënt is vervallen, verloren, geblokkeerd of niet meer bruikbaar.
– Je patiënt heeft geen Belgische eID (of technisch equivalente kaart), en nog geen INSZ-nummer, maar wel een BIS-nummer (bijv. een vluchteling die zich al heeft aangemeld maar nog niet is langsgegaan bij de gemeente om de inschrijving te voltooien).
– Wanneer de patiënt vraagt om het elektronisch voorschrift af te schermen voor alle apotheken, m.a.w. wanneer je de VISI-vlag van het voorschrift op “GESLOTEN” zet. Het voorschrift zal in geen enkele apotheek getoond worden als de patiënt met zijn/haar eID of rijksregisternummer naar de apotheek gaat. De apotheker zal daarom de barcode moeten scannen om de geneesmiddelen af te leveren.
– Wanneer de patiënt niet zelf de geneesmiddelen afhaalt in de apotheek, maar een derde persoon dit doet (bijv. grootouder, mantelzorger, buur, familielid, …). De patiënt kan dan het papieren bewijs van elektronisch voorschrift of (een foto van) de barcode van het elektronisch voorschrift meegeven aan die derde persoon.
– Wanneer je nieuwe medicatie voorschrijft voor een patiënt.
– Bij problemen met de server van Recip-e.
– Wanneer je voorschrijft voor een pasgeborene die wel een rijksregisternummer, maar nog geen ISI+-kaart heeft.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *